Home
patrimonium
       
MECHELEN



Stedelijk museum "Hof van Busleyden"

Klokkengieter : Marcel Michiels Jr.

Gietjaar : 1953

Aantal klokken : 49

Basklok : bes , 420 kg

Totaal gewicht : 2.541 kg

Stemming : gelijkzwevende stemming

Totale omvang : bes 1, c 2 (= c 0), d 2 - chromatisch - c 6

Omvang manuaal : besį-c5

Omvang pedaal : besį-g2

Luidklokken : geen

Bespelingen : vrijwel dagelijks bespelingen, geen vaste dag/tijdstip.

Concerten : occasioneel in het kader van de Mechelse beiaardconcerten

Beiaardiers : geen vaste beiaardier. Bespelingen door studenten van de Koninklijke Beiaardschool "Jef Denyn"



Geschiedenis van het "Hof van Busleyden"

De bouw van de riante patriciŽrswoning in Brabantse gotiek, het "Hof van Busleyden", startte tussen 1505 en 1507. Dit gebeurde in opdracht van Hieronymus van Busleyden, raadsman van de Grote Raad te Mechelen en daarnaast ook humanist. Voor zijn vriend Erasmus van Rotterdam financierde hij de stichting van het Collegium Trilingue aan de Vismarkt te Leuven, met de bedoeling er Latijn, Grieks en Hebreeuws te onderwijzen. Van Busleyden ontving in zijn nieuwe huis verschillende van zijn beroemde vrienden, zoals de reeds vermelde Erasmus, de Engelse kanselier Thomas More en Adriaan Floriszoon, beter bekend als paus Adrianus VI. Hieronymus van Busleyden overleed in 1517 te Bordeaux. Hij vergezelde toen de nog jonge Karel van Habsburg (later Keizer Karel V), toen die in Spanje na het overlijden van zijn grootvader Ferdinand van Aragon de Spaanse kroon ging opeisen. Als architecten van het Hof van Busleyden noemt men Antoon I en Rombout Keldermans. In het begin van 1508 noteerde Van Busleyden dat het huis reeds bewoonbaar was. Toch werd er nog tien jaar verder gebouwd en nog veranderingen aan het pand uitgevoerd. Op de binnenplaats verrees een slanke achthoekige toren om als trap te fungeren tussen de verschillende verdiepingen.

Na 1517 wisselde het gebouw een aantal keren van eigenaar tot het in 1619 in bezit kwam van Wenceslas Coeberger, die er een Berg van Barmhartigheid of pandjeshuis inrichtte. Deze functie bleef het behouden, althans het deel langs de Merodestraat, tot in 1925. Tussen 1875 en 1877 werd het complex grondig gerestaureerd. Tot 1914 werd in een deel van het Hof het Stedelijk Conservatorium ondergebracht. Directeur Gustaaf van Hoey, tevens amateur-beiaardier en vriend van de familie Denyn, zou de toren nog gebruikt hebben voor zijn astronomische waarnemingen.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden alle eerdere inspanningen teniet gedaan, door de grote verwoestingen tijdens de beschietingen van Mechelen. Onder leiding van architect A. Minner startte men in 1930 met de volledige restauratie en reconstructie. In 1935 besliste men om er het stadsmuseum in onder te brengen. De officiŽle inhuldiging ervan gebeurde drie jaar later, toen de werken helemaal voltooid waren.

Een beiaard voor de beiaardschool

Op 24 januari 1947 werden de eerste gesprekken gevoerd tussen Willy Godenne en Jan Gysen leden van de Raad van Beheer van de Beiaardschool en leden van het Mechelse stadsbestuur over de organisatie van de herdenkingsfeesten over 25 jaar Beiaardschool. Men dacht aan het inrichten van een beiaardmuseum, palend aan het huis 't Schipke . In verslag van deze vergadering werd ook relaas gebracht van het bezoek aan de gieterij van Marcel Michiels Jr. te Doornik enkele dagen voordien naar aanleiding van de hergieting van de Jef Denyn-klok, een klok van drie ton uit de beiaard van Sint-Rombouts. Bij dit bezoek groeide het plan voor het aankopen van een kleine beiaard van vier octaven " bestemd voor leerlingen en tevens als toeristisch curiosium aan te brengen in het torentje van Busleyden" . De mogelijkheden om op de beiaard van Sint-Rombouts te oefenen waren beperkt tot twee sessies op zaterdag- en maandagmiddag. Die momenten werden dan ook voorbehouden aan de meest gevorderde studenten.

In 1953 kon het instrument, dankzij de materiŽle en financiŽle steun van het Mechels stadsbestuur gerealiseerd worden . De toren van het Hof Van Busleyden was toen eigendom van de Commissie van Openbare Onderstand, die eerst haar toestemming moest verlenen. De negenenveertig klokken werden besteld bij Marcel Michiels Jr. in Doornik en men maakte van de gelegenheid gebruik om twee pioniers van de beiaardschool te huldigen. De grootste klok werd naar Jef Denyn genoemd. Het opschrift luidde : "Ten jare 1953 werd ik "Jef Denyn" als I : van 49 beiaardklokken gegoten voor de Toren van Busleyden. Mijn toon luidt Si b." Nummer twee kreeg de naam Prosper Verheyden, de eerste secretaris van de school : "Ten jare 1953 werd ik "Prosper Verheyden" als II : van 49 beiaardklokken gegoten voor de Toren van Busleyden. Mijn toon luidt Do" Verheyden was in 1948 overleden.

De inhuldiging vond plaats op maandag 28 september 1953 om 11 uur. Het instrument werd door de Raad van Beheer plechtig aan directeur Staf Nees en de studenten van de beiaardschool overhandigd. Na een toespraak door Antoon Spinnoy, burgemeester van Mechelen en voorzitter van de Raad van Beheer, speelde Staf Nees de Rubensmars en het beiaardlied van Peter Benoit. Nadien concerteerden ook enkele studenten, waaronder Gustaaf Drossens uit Lokeren, Jean Vanderlinden uit Diest en Alfons Schynkel uit Oudenaarde.

Die herfstmaandag in 1953 mag zeker een hoogdag van de beiaardkunst genoemd worden. Na de middag ging het feest immers verder op het stadhuis met de uitreiking van prijzen van de compositiewedstrijd van de beiaardschool. Winnaars dit jaar waren niemand minder dan Jos Lerinckx met de beroemde Passacaglia (Prijs Stad Mechelen) en Henk Badings met de Suite II (Prijs Beiaardschool).

Sedertdien werd het instrument bespeeld door ontelbare studenten uit vele landen tijdens hun oefensessies of tijdens de examens. Het Festival van Vlaanderen organiseerde in het mooie kader van het Hof van Busleyden regelmatig beiaardconcerten. Ook tijdens het congres van de Wereld Beiaard Federatie in 1998 werd het concert "Beiaard en gitaar" door Eddy MariŽn en Wim Brioen fel gesmaakt. In de tachtiger jaren kreeg het instrument een nieuw klavier, gebouwd door Kon. Eijsbouts uit Asten. Tijdens het congresjaar 1998 maakte Jacques Sergeys in opdracht van de beiaardschool een klankanalyse van de klokken. In 2007-2008 gebeurde er een grondige revisie door Michiels Torenuurwerken & beiaarden uit Mechelen.

Koen Cosaert

 

 

terug naar algemeen overzicht patrimonium

 

organisatie | informatie | concertkalender | publicaties | contact | home